Legt Minister vonnis bestuursrechter in de WOB vuurwerkramp naast zich neer?
Door de bestuursrechter te Almelo werd op 10 januari 2007 in het vonnis bepaald dat de minister van justitie onvoldoende gemotiveerd heeft waarom het rijksrechercheonderzoek met bijlagen niet openbaar mocht komen, ook het niet openbaar maken van de verklaringen van de collegae was onvoldoende gemotiveerd !

De bestuursrechter heeft hierop bepaald dat al deze stukken:
1. Rapport(en) van Interne zaken dus inclusief de verklaringen van de collega's
2. Rapport(en) van Rijksrecherche
openbaar moesten worden gemaakt (mocht geanonimiseerd.)

In juni 2007 kwamen de lang verwachtte stukken openbaar. De verkalringen van de gehoorde politiemensen waren er niet bij, dit in tegenstelling tot wat de bestuursrechter in zijn vonnis had gesteld.
Desgevraagd gaf de minister aan dat hij, naar zijn mening, het vonnis van de bestuursrechter had opgevolgd. De verklaringen van de collega's maakten derhalve geen deel uit van het onderzoeksrapport. De minister zag de aanvraag voor de openbaarmaking van deze verklaringen als een nieuw WOB verzoek.
De Minister negeert hier, naar onze mening, de uitspraak van de rechterlijke macht.

De bestuursrechter is in augustus 2007 om een nadere uitleg van het vonnis gevraagd. Op 3 oktober 2007 kwam er een brief van de rechtbank waarin o.a. stond, dat door de Minister een verweerschrift naar de rechtbank was gestuurd en dat de zaak nu gereed was voor inhoudelijke behandeling. Binnen 3 maanden kunnen we bericht verwachten over de wijze van verdere behandeling